Tekenen en bouwen – 1870-1980.
De geschiedenis van de familie Van Tilburg in Nootdorp geschreven door Aat van Tilburg. In het voorwoord van Aat lezen we het volgende.
De Dekenkist
De grote dekenkist vol bouwtekeningen, jaarboeken en foto’s was na het overlijden van mijn ouders bij mijn broer Miel terecht gekomen. Steeds als ik de kist zag dacht ik: ‘In dit unieke historische materiaal schuilt een verhaal’. Zoals de ene generatie het beeld documenteerde, de andere op zoek ging naar de oorsprong van de familie en de volgende het aanvulde met nieuw gevonden informatie, lijkt het zonde om alles in zo’n donkere kist te laten liggen.
De geschiedenis begint bij Cornelis van Tilburg (1848-1921). In 1870 vestigt hij zich, 22 jaar oud en pas getrouwd, als meester metselaar in Nootdorp. Zijn hele leven noteert hij in grote jaarboeken iedere baksteen en elk arbeidsuur tot op de halve cent nauwkeurig. Van dorpsmetselaar wordt hij aannemer van grote waterbouwkundige werken en zakenman.
Na ruim 40 jaar draagt hij het bedrijf over aan zijn zonen, Jan de timmerzaak en Piet de metselfirma. Tussen de broers groeit een hechte samenwerking die hun leven lang zal duren. Ze tekenen en bouwen huizen, boerderijen en fabrieken. Jan noemt zich geen architect, in feite is hij het wel. Zo ontwerpt hij moderne winkelpanden en tekent het nieuwe gemeentehuis in Nootdorp. De crisis in 1930 overleven Jan en Piet door zuinig te leven en efficiënt te werken.
De derde generatie, mijn vader Cor, bouwt een grote verscheidenheid aan huizen en bedrijfsgebouwen, maar als hij in 1970 de kerk mag restaureren, weet hij dat daar zijn hart ligt. Samen met de winkeliers maakt hij plannen om de verwaarloosde Dorpsstraat te restaureren en zo bepaalt hij het huidige aanzien rondom de kerk.
Het onderzoek naar deze drie generaties van bouwers maakt nieuwsgierig naar de geschiedenis ervoor. Mijn vrouw, Mieke van Tilburg-Thoms, heeft zich verdiept in de periode van 1700 tot 1850 en kwam tot de verrassende ontdekking dat Johannes van Tilburg in 1703 scheepstimmerman was in Schiebroek en later een scheepswerf had in Stompwijk, aan het Soetermeerse Meer.
Wij volgen Cornelis en zijn familie naar Nootdorp.
In hoofdstuk 14 en 15 schetsen we een beknopt beeld van zijn voorouders. Dat wat niet allemaal in de kist zat…
In 2008 is een grote opknapbeurt uitgevoerd in Plan West door Vestia. Ter gelegenheid hiervan is een boekje verschenen. In het voorwoord staat het volgende.
Ter herinnering aan een bijzondere wijk.
Bij het gereedkomen van de opknapbeurt aan de woningen van Vestia Nootdorp in Plan West ontstond het idee om een boekje uit te geven over deze bijzonder Nootdorpse wijk. Het is een makkelijk leesbaar overzicht geworden van de geschiedenis van dit deel van Nootdorp.
De samenstellers van dit boekje hebben geen wetenschappelijk verantwoord geschiedenisboekje geschreven. De informatie die er in staat klopt uiteraard en is onder andere geput uit eerder verschenen boeken over Nootdorp en de omgeving. De bedoeling van dit boekje is om op makkelijk leesbare wijze en met gebruikmaking van veel illustraties een goede indruk te krijgen van dit unieke deel van Nootdorp in het algemeen en van de woningen van Vestia Nootdorp en de voltooide opknapbeurt in het bijzonder. Het blijkt er goed wonen te zijn.
In 1938 schreef A.N. Duijnisveld een boekje over de “geschiedenis der parochie van St. Bartholomeüs te Nootdorp”. In het voorwoord schrijft hij als volgt.
Voor de bereidvaardigheid der Redactie van “De Leidsche Courant”, die in de kolommen van haar Dagblad mijn opstellen wilde plaatsen over het kerkelijk verleden en heden van Nootdorp, ben ik zeer dankbaar. Zoo konden de lezers van haar Dagblad op gemakkelijke wijze van de geschiedenis der plaats hunner inwoning kennis nemen.
Thans worden deze opstellen, tot een afzonderlijke uitgave tezamen gebracht, den lezers en belangstellenden opnieuw aangeboden. Zij mogen ervan overtuigd zijn, dat het mij, bij het samenstellen dezer geschiedenis, een waar genoegen was aan de parochie terug te denken, waarin de eerste jaren van mijn priesterleven werden doorgebracht, en aan de vriendschap, zoo van katholieken als niet-katholieken, bij voortduring ruimschoots ondervonden.
Een bijzoner woord van dank moet ik spreken tot degenen, die mij bij het schrijven dezer historie met hun kennis en hun wenken vriendschappelijk en altijd bereidvaardig hebben ter zijde gestaan. Daarbij denk ik aan Pastoor Heydeman, Burgemeester Schölvinck, dominee Loeff en aan zoovele anderen, wier namen niet kunnen vermeld worden zonder gevaar onvolledig te worden. Bovenal voel ik mij een groote en oprechte dankbaarheid verschuldigd aan mijn oud-pastoor J.C. v.d. Loos te Uitgeest, die niet alleen als censor deze bladzijden met kritische blik heeft willen nazien, maar aan wiens bezielend voorbeeld en vriendelijke aanmoediging tijdens de gelukkige jaren, die ik bij hem doorbracht, ik voor een groot deel de liefde voor de kerkhistorie heb te danken.
Moge deze uitgave aan haar doel beantwoorden en bij de lezers liefde en belangstelling wekken voor het verleden hunner vaderen.
Nootdorp – ovaaltje uit de Nederlandse stad- en dorpbeschrijver.
Geheel in de traditie van de 18e eeuwse mode om de eigen geschiedenis en het eigen land in woord en beeld te beschrijven in rijk geïllustreerde boeken, brachten de heren L. v. Ollefen en R. Bakker tussen 1793 en 1801 een serie boekjes uit bij uitgeverij H.A. Banse in de Stilsteeg te Amsterdam. Het bevatte ovale dorpsgezichtjes geëtst door Anne Brouwer, met daaronder een karakterschets van de plaats in rijm. De boekjes gaven voorts een uitvoerige beschrijving van de historische achtergrond en de actuele stand van zaken van de betreffende plaats. Er werd soms gebruik gemaakt van reeds bestaand beeldmateriaal, zoals van de prentjes van Moolenijzer.
Alleen de provincie Zuid-Holland en een stuk van Noord-Holland – Kennemerland, regio Amsterdam en de Gooistreek – werden voltooid. In deel 2 wordt Nootdorp beschreven.
Dit boekje is een herdruk van de delen waarin Nootdorp, Nieuweveen en Hoogeveen beschreven worden. Het is herdrukt in opdracht van de Nederlands Hervormde Gemeente te Nootdorp ter gelegenheid van de ingebruikname van de gerestaureerde kerk in maart 1973.
In 1996 heeft het parochiebestuur van de H. Bartholomeusparochie opdracht gegeven een boek te schrijven ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van haar kerkgebouw. Het is een goed verzorgd en een makkelijk leesbaar boek geworden, een verdienste van R.J. (Ron) Labordus en M.A.P. (Tinus) Verwijmeren, de schrijvers. De bisschop van Rotterdam, A.H. van Luyn s.d.b. schrijft in een brief, die opgenomen is in het boek als volgt.
De kerk van de Bartholomeusparochie bepaalt niet alleen het gezicht van de gemeente Nootdorp. Zo dicht bij het prins Clausplein gelegen, vangt het gebouw de blik van elke automobilist die zich rond Den Haag over de rijksweg spoedt.
Voor de gelovigen van Nootdorp is de kerk de voorbije 125 jaar meer geweest dan alleen maar een mooi gebouw. Voor generaties Nootdorpers was dit bouwwerk het middelpunt van de beleving van hun geloof. Zij kwamen er samen om te luisteren naar het Woord van de Heer en, als gemeenschap van hen die in Hem geloven, de Eucharistie te vieren. In de kerk ontvingen zij de sacramenten van doopsel, vormsel en biecht, dienden zij elkaar het sacrament van het huwelijk toe en vertrouwden zij de levenden en doden toe aan de Schepper. In deze kerk zochten zij bezinning, zongen zij, baden zij en ontvingen zij Gods zegen.
En nu, na 125 jaar?
Binnenkort zal Nootdorp aanzienlijk worden uitgebreid. Dan zal de kerk aan de Veenweg in het hart van de gemeente komen te staan, centraal in een steeds meer verstedelijkte samenleving.
Voor de parochie een uitdaging en een kans om als geloofsgemeenschap te blijven getuigen van het Evangelie en meer nog dan in het verleden de Boodschappen van Jezus uit te dragen.
In 1990 verscheen deel II van de Kroniek van Nootdorp. Deel II werd samengebundeld met deel I, zodat één uitgave ontstond. Deel II is geschreven door drs. Job Vink. In het Ten Geleide schrijft burgemeester J.F.H.A.B. Waals het volgende:
Voor U, Nootdorpers, ligt, van de hand van Ds. Casper Spoor en drs. Job Vink, de geschiedenis van onze oude gemeente Nootdorp.
Op verzoek van het gemeentebestuur schreef Ds. Casper Spoor in 1966 de eerste ‘Kroniek van Nootdorp’. Eveneens op verzoek van het gemeentebestuur schreef drs. Job Vink in 1987/1990 een geactualiseerde aanvulling daarop, waarin de geschiedenis van Nootdorp vanaf de eeuwwisseling tot heden nader is beschreven.
Vier jaren studie lagen ten grondslag aan het werk van Ds. Casper Spoor en drie jaar studie heeft drs. Job Vink nodig gehad om de meer recente geschiedenis van Nootdorp in beeld te krijgen. Beide auteurs hebben niet alleen gewerkt vanuit hun belangstelling voor het verleden, maar zeer zeker ook uit gemeenschapszin en hun betrokkenheid bij hun eigen woonplaats.
De beide schrijvers zij dank verschuldigd voor de deskundige wijze waarop zij hun werk hebben gedaan. Met de uitgave van de geactualiseerde ‘Kroniek van Nootdorp’ heeft zich een duurzaam monument in ons midden opgericht.
Het eerste exemplaar van deze ‘Kroniek van Nootdorp’ is bij gelegenheid van de opening van het nieuwe gemeentehuis, door drs. Job Vink op 25 april 1990 aangeboden aan de 17e Commissaris van de Koningin in de provincie Zuid-Holland, Mr. Schelto Patijn. En voorts zal elk Nootdorps gezin een exemplaar worden aangeboden.
In de loop der eeuwen is in Nootdorp veel veranderd.
Waar eens geveend werd en water ontstond, het land daarna drooggemaakt en ingepolderd, vormden zich rond de kleine dorpskom grote en kleine boerderijen, waarvan de herberg “De Gouden Star’ thans nog een monumentaal voorbeeld is. Later ontstond er bloeiende tuinbouw, die thans nog prominent aanwezig is in Nootdorp, en werden nieuwe wijken gerealiseerd, wegen aangelegd en het voorzieningenniveau aangepast aan de eisen van de tijd.
Het zo veelzijdig geworden maatschappelijk leven, kenmerken voor een plattelands gemeenschap, paste zich daar bij aan.
In 1966 verscheen de Kroniek van Nootdorp, geschreven door ds. Casper Spoor, hervormd predikant, op verzoek van de gemeente Nootdorp. Burgemeester H.C.A.M. Schölvinck schrijft in het Ten Geleide:
Voor U, Nootdorpers, ligt, van de hand van Ds. C. Spoor, 37e predikant der Hervormde Gemeente, de geschiedenis van onze oude gemeente Nootdorp.
Geschreven op verzoek van en uitgegeven door het Gemeentebestuur. Vrucht van vier jaren studie uit gemeenschapszin ondernomen. De deskundige schrijver zijn wij warme dank verschuldigd, welke hem hierbij uit aller naam betuigd wordt.
Met dit wek heeft hij zich in ons midden een duurzaam monument opgericht.
Elk Nootdorps gezin wordt een exemplaar aangeboden en overigens wordt het boek tegen kostprijs ter gemeente-secretarie verkrijgbaar gesteld.
In de loop der eeuwen is in Nootdorp veel veranderd.
Waar eens geveend werd en water ontstond, het land daarna drooggemaakt en ingepolderd, vormden zich rond de kleine dorpskom grote en kleine boerderijen, gedeeltelijk later omgezet in bloeiend tuinbouwbedrijf, werden en worden nieuwe wijken gesticht en wegen aangelegd, bedrijven en instellingen opgericht.
Het zo veelzijdig geworden maatschappelijk leven paste zich daarbij geleidelijk aan.
In de geschiedenis van Nootdorp spiegelt zich wat in der tijden van ons vaderland, het gewest Holland en de regio Delfland, sinds 1572 onder het Huis van Oranje Nassau, geestelijk en materieel beroerde. Wat ook veranderde, gebleven is de gemeenschapszin, waardoor zoveel tot stand kon komen.
Tussen uitbreidende oude en nieuw te stichten groot-steden ligt Nootdorp thans met om haar kern een brede groenzoom, kracht en eigen karakter bezittend, mede daardoor en daarom in deze streek eigen functie hebbend.
Moge de lezing van de kroniek van Nootdorp de oude en de nieuwe bewoners hun gemeente meer en beter doen leren kennen, de gehechtheid aan haar doen toenemen en aldus onze gemeenschapsband versterken.
De geschiedenis van een geslacht Janssen van ca. 1700 tot 1993 met de oorsprong nabij Delft.
Behalve de degelijke wijze waarop deze genealogie is uitgegeven is de familiegeschiedenis van het geslacht Janssen een goed voorbeeld van een overzichtelijk opgezette genealogie. Aan elke besproken familietak gaat een genealogisch schema vooraf. Er is aandacht geschonken aan beroepen, vermogens en boedels en er zijn vele (auto)biografische notities opgenomen, zoals van Jan Janssen (ongetwijfeld de bekendste vertegenwoordiger van dit geslacht) die in 1968 de Tour de France won. Stamvader Donces Jansz. leefde in de eerste helft van de 18e eeuw even buiten de stad Delft. Hij en zijn zonen waren er klederbleeker. Hun nakomelingen werden veelal landbouwer en bleven in de omgeving wonen. Deze rooms-katholieke familie werd tamelijk uitgebreid. In 1993 waren 286 nazaten met de naam Janssen in leven, van wie het grootste deel in Zuid-Holland woonde met als kern Nootdorp.
De slag om Ypenburg is een uitstekende beschrijving door een specialist over de Duitse aanval en de gevechten om vliegveld Ypenburg. Met een groot aantal foto’s. Nooit eerder werd over Ypenburg zo uitvoerig geschreven.
Op 10 mei 1940 overvielen Duitse strijdkrachten het neutrale Nederland. Ons land kreeg daarbij de bedenkelijke primeur van de eerste grote luchtlandingsoperatie uit de geschiedenis. Parachutisten en luchtlandingstroepen landden onder meer op het Rijswijkse vliegveld Ypenburg om van daaruit door te stoten naar Den Haag. Hun doel was om Koningin Wilhelmina, de regering en de legerleiding gevangen te nemen. Met de uitschakeling van deze hoogste leiding zou de oorlog binnen enkele uren afgelopen zijn. De operatie liep uit op een mislukking voor de Duitsers. Ondanks een hevig bombardement, voortdurende beschietingen door Duitse jachtvliegtuigen en grootschalige luchtlandingen, verweerde de Nederlandse verdediging van Ypenburg zich op zodanige wijze dat de veel beter getrainde en bewapende Duitsers er niet in slaagden om het vliegveld te veroveren. Het werd de enige nederlaag van betekenis die de Duitsers tijdens hun “Blitzkrieg” in West-Europa leden. De slag om Ypenburg mei 1940 doet op boeiende wijze verslag van de opzienbarende strijd om de vliegbasis. Het boek opent met een beknopt overzicht van de Nederlandse defensie in 1940 en de verdedigingsmaatregelen voor Ypenburg. Vervolgens wordt het Duitse aanvalsplan voor Nederland geschetst, waarbij in het bijzonder aandacht wordt besteed aan de luchtlandingsoperatie om Den Haag, gevolgd door een beschrijving van de overval op Ypenburg en de tegenaanval die uiteindelijk tot een Duitse nederlaag leidde. Daarbij is een ruim gebruik gemaakt van Nederlandse en Duitse ooggetuigenverslagen. In het laatste hoofdstuk wordt een nabeschouwing van de strijd gegeven. Dit hoofdstuk bevat een aantal Duitse reacties en een overzicht van de gevolgen voor het verdere verloop van de Tweede Wereldoorlog.